Burgerschap

Sinds 1 februari 2006 zijn scholen voor primair- en voortgezet onderwijs verplicht om actief burgerschap en sociale integratie te bevorderen (Wet op het primair onderwijs, artikel 8 lid 3). Aanleiding hiervoor zijn twee maatschappelijke ontwikkelingen die kenmerkend zijn voor de afgelopen decennia. De eerste is individualisering, waardoor de betrokkenheid op elkaar en op de maatschappij is afgenomen. De tweede is de omvangrijke allochtone populatie, die minder bekend is met de burgerschapstraditie. Door burgerschap een prominente plaats in het onderwijs te geven, hoopt de overheid te bereiken dat individuen, die afkomstig zijn uit de meest uiteenlopende tradities, een gemeenschappelijk perspectief krijgen op de bijdrage die zij als burgers aan de samenleving kunnen leveren. Aandacht voor burgerschap in het onderwijs moet ertoe leiden dat jongeren het vermogen en de bereidheid ontwikkelen om deel uit te maken van een gemeenschap, en dat ze ook daadwerkelijk een actieve bijdrage aan zo’n gemeenschap gaan leveren. En door ‘sociale integratie’ op de onderwijsagenda te zetten, moeten leerlingen bekend zijn met en betrokken zijn bij uitingen van de Nederlandse cultuur, en bovendien kunnen deelnemen aan de maatschappij en haar instituties (Zie: Inspectie voor het Onderwijs (2006). Toezicht op Burgerschap en Integratie. Rijswijk: GSE, p.4.).  
 
Burgerschapsontwikkeling en Montessorionderwijs lijken naadloos op elkaar aan te sluiten, gezien de gemeenschappelijke doelen die beiden nastreven, bijvoorbeeld met betrekking tot: 
 
◾ontwikkeling van bewustzijn, identiteit, zelfrespect en wil (tezamen de persoonlijkheid);
◾het verwerven van bekwaamheid om in het dagelijks, sociale en maatschappelijke leven en verdere studie te kunnen functioneren;
◾een persoonlijke, creatieve, onafhankelijke en verantwoordelijke rol te leren vervullen in de samenleving van nu en morgen. 
 
Uitgangspunt bij deze doelen is, actief te zoeken naar en het stimuleren van het potentieel van kinderen. Wij geven burgerschap vorm binnen de Kanjertraining, Topondernemers en de alledaagse praktijk. 
 
Door inzet van de Kanjertraining bereiken wij de volgende doelen:
◾De leerkracht wordt gerespecteerd.
◾Pestproblemen worden hanteerbaar/lossen zich op.
◾Leerlingen durven zichzelf te zijn.
◾Leerlingen voelen zich veilig.
◾Leerlingen voelen zich bij elkaar betrokken.
◾Leerlingen kunnen hun gevoelens onder woorden brengen.
◾Leerlingen krijgen meer zelfvertrouwen.
◾Leerlingen durven cognitief te presteren.
◾Leerlingen leren verantwoordelijkheid te nemen.
◾Er ontstaat een positieve leer- en werkhouding. 

Op de Kosmos gaan wij met elkaar om op basis van wederzijds respect. In de cultuur van wederzijds respect het je respect voor jezelf, voor de ander en voor het andere. Dat betekent dat je als kind niet alleen respect hebt voor je ouders, maar ook voor de mensen om je heen, zoals je broer en zus, je vrienden, klasgenoten leerkrachten e.d. 
Met het andere wordt bedoeld dat je respect hebt voor het leven zoals het zich voordoet. Je hebt respect voor mensen, meningen die anders zijn dan die van jezelf, dieren, planten en zelfs dingen. In de cultuur van wederzijds respect zijn mensen blij als het goed met je gaat. Ze doen niet jaloers. 
Door het inzetten van de Kanjertraining voldoet De Kosmos aan de doelen die worden gesteld door de wet Actief Burgerschap en Sociale Integratie 

deze website is gerealiseerd door schoolwapps.nl